• Quiasinon

Allerschoenendag

Ik houd een allerschoenendag,

allerschoenen aan de voeten

en een bijzondere schoenenvlag

zal daarbij wapperen moeten.

De straten zijn vol van hun geluid,

de schoenen lopen in en uit,

in groepen, soms in stoeten.

En oude schoenen, heel alleen,

die weten soms niet meer waarheen.

Daar zal de vlag voor groeten.

Aanstaande dinsdag 2 november is het Allerzielen, de dag waarop in de katholieke kerk de gestorvenen worden herdacht, met name degenen die in het voorbije jaar gestorven zijn. De laatste twintig jaar is het ook buiten de katholieke kerk gewoonte geworden om op die datum de gestorvenen te herdenken. Mensen hebben behoefte aan een speciale dag om in gedachten bij de geliefden te zijn van wie ze afscheid hebben moeten nemen. Het woord ‘allerschoenendag’ dat Pierre Kemp gebruikt in bovenstaand gedicht, roept – althans bij mij – dadelijk de associatie met ‘allerzielen’ op, al refereert Kemp daar verder niet aan. Waar refereert hij eigenlijk wel aan? Het gedicht heeft iets speels, iets absurdistisch ook. Wat is dat, een allerschoenendag? Allerzielen. Allerschoenen. Waarom schoenen? Zo op het oog is er niets wat zielen en schoenen gemeen hebben.


In de periode dat mijn kinderen alle vier, de een na de ander, bezig waren uit huis te gaan, wist ik opeens niets beters te doen dan op een groot vel papier hun schoenen te tekenen – waar ze tot hun ergernis een paar voor moesten inleveren. Ik kon ze horen denken: wat bezielt dat mens met onze schoenen? Eén paar halfhoge laarzen om de mooie jongen mee uit te hangen, één paar afgetrapte sportschoenen, één paar modieuze hakken in een vooral niet alledaagse kleur, één paar laarsjes waar de draagster zich heel volwassen in voelde en waar ik, als ik maar heel graag wilde, nog net kinderschoenen in kon zien. Achteraf denk ik dat ik bezig was met die tekening het eventuele ontstaan van een lege-nest-syndroom te bezweren. Schoenen. Ze staan voor het persoonlijke levenslot. En mijn kinderen stonden op punt los van mij hun eigen leven te gaan leiden, ze wilden in hun eigen schoenen staan.


Met Allerzielen herdenken we de mensen die het aardse leven hebben losgelaten en proberen we ons voor te stellen hoe hun weg in het leven na de dood eruit ziet. Het gedicht Allerschoenendag richt onze blik op al die levens vóór de dood die in groepen, in stoeten geleefd worden, individueel, dapper, eigenzinnig, kwetsbaar, zoekend, eenzaam, verward, speels, wanhopig, bedrijvig. Door het persoonlijke van al die levens weer te geven in het beeld van de schoen, vang je een bovenpersoonlijke essentie. Het krijgt bijna iets pathetisch. Allerschoenendag – dat is een dag waarop je van iedereen kunt houden, omdat je opeens voelt dat iedereen net als jij zijn best doet zo goed en zo kwaad als het gaat op aarde te leven en mens te zijn.


Allerzielen. Allerschoenen. Het leven na de dood, het leven voor de dood. Natuurlijk hebben ze met elkaar te maken. Alle religies wijzen erop dat de manier waarop je op aarde leeft van invloed is op je leven na de dood. Al eeuwenlang zijn mensen geneigd dit te verwoorden in termen van schuld en beloning, van hel, vagevuur en hemel. Ik houd het maar liever op oorzaak en gevolg, op wetmatigheden die hun loop moeten hebben. Maar in onze tijd – zeg: de laatste honderd, honderdvijftig jaar – grijpen het leven voor en het leven na de dood nog op een andere manier in elkaar. Hoe wij denken over een leven na de dood, is direct van invloed op ons handelen in ons leven voor de dood. Voor veel mensen in het Westen is een voortbestaan na de dood geen realiteit.


En als je ervan uitgaat dat het bestaan eindigt bij de dood, neem je in het leven en vooral in het grensgebied tussen leven en dood andere beslissingen dan wanneer je er rekening mee houdt dat je ziel verder leeft, of je bewustzijn blijft voortbestaan. Dat moet natuurlijk ieder voor zich weten. Maar waar ik bij vlagen boos, opstandig of moedeloos van word, is dat de opvatting dat het leven eindigt bij de dood inmiddels tot een voor iedereen geldende waarheid lijkt te zijn verheven, terwijl het net zozeer een geloof is als de overtuiging van een leven na de dood. Die ‘waarheid’ bepaalt hoe we over bijvoorbeeld orgaandonatie, levenseinde of prenatale zorg moeten denken en ruimte voor andere opvattingen en dus andere beslissingen is er nauwelijks.


En toch… vandaag laat ik die boosheid, opstandigheid en moedeloosheid maar even voor wat ze zijn. In de laatste dagen van oktober en de eerste van november heerst vaak een bijzondere stilte, alsof de tijd wegvalt. Niet voor niets herdenken we juist nu de doden. De wereld van de gestorvenen raakt in deze dagen aan die van de levenden. Allerzielen. Allerschoenen. Twee helften van één wereld komen in deze dagen bij elkaar.


Laten we stil zijn. En luisteren.


Bron: Utz Verzendantiquariaat – www.utz.nl


197 keer bekeken0 reacties

Recente blogposts

Alles weergeven