• Quiasinon

Zonnebloemen; de zonnekracht waarmee wij leed en verdriet te boven komen

In Pflanzenlegenden vertelt Kora Gädke-Timm een verhaal over een Incatempel, waar de priesters kostbare zonnegeheimen tegen vijandige machten moesten beschermen. Die hadden ervoor gezorgd dat het land rond de tempel ‒ het verhaal speelt vlak voor de komst van Christus ‒ een woestijn was geworden. In de tempelhof groeiden nog wel planten. Op een dag zag de oude poortwachter opeens een plant die hij nooit eerder had opgemerkt, een grote plant met een dikke stengel en daarop een grote bloem die zich opende naar de zon. De bloem was even rond en haar bladeren waren even goudgeel als de zon. Op haar hoge stengel keek ze boven de muur van de tempel uit.

Ook de poortwachter wierp een blik over de muur, en de schrik sloeg hem om het hart: de machtigste vijanden van de tempel, de Grote Ontkenner en de Schepper-van-Illusies, naderden de tempel. Maar toen hoorde hij vlakbij een stem. Het was de bloem, de zonnebloem, die hem moed insprak, hij moest vertrouwen hebben in de kracht van de zon in hemzelf. Plotseling zag de poortwachter dat de vijanden van de tempel stil hielden: ze hadden de zonnebloem gezien. Na een kort beraad verdwenen ze elk in een andere richting.


Ik houd van de seizoenen, van de afwisseling van de seizoenen. Ik houd ervan de zon te volgen, die in de winter vanuit zijn laagste punt aan de hemel langzaam opklimt naar het hoogste punt in de zomer en dan weer afdaalt naar het laagste punt. Terwijl de zon stijgt aan de hemel, ontkiemen op aarde de planten, groeien en komen tot bloei. En terwijl de zon weer daalt, schenken ze de aarde hun vruchten en zaad voor ze verwelken en vergaan.

Alle seizoenen zijn nodig, je kunt geen maand, geen week missen. Toch hoor je mensen wel zeggen dat ze graag de winter zouden overslaan, of november met al zijn regen en somberheid. Ik houd van alle seizoenen, maar ik moet zeggen: als ik een maand zou móeten overslaan, dan graag augustus. Of om preciezer gezegd, de tijd van het sterrenbeeld Leeuw die al eind juli begint. Waarom? Oppervlakkig gezien omdat ik die periode associeer met blikkerende hitte en een meedogenloos brandende zon. Ik kan niet tegen hitte en ik vind dat de zon niet meedogenloos mag zijn. Maar dat is maar een oppervlakkige reden. Daaronder zit al sinds mijn kindertijd het niet uit te roeien onheilspellende gevoel dat het grote kwaad, dat allerlei rampen je in augustus zomaar sluipend kunnen naderen.


Het is vandaag 15 augustus. Vandaag is het 75 jaar geleden dat er na de capitulatie van Japan een einde kwam aan de Tweede Wereldoorlog. Mijn ouders spraken vroeger niet veel over de oorlog, maar in juli en augustus logeerde ik vaak enkele weken bij mijn grootouders. Daar was het altijd een komen en gaan van familie, van familie-van-familie, van vrienden en kennissen. Bij mijn oma was iedereen welkom, ze trok mensen aan. En eind juli, begin augustus kwamen bij veel van die mensen de herinneringen boven aan de japanse bezetting en de bersiaptijd, de indonesische onafhankelijkheidsstrijd.


Over deze herinneringen aan het kwaad, aan rampen en onheil, werd fluisterend en deels in het maleis gesproken, zodat ik het niet zou begrijpen. Het gaat te ver om te zeggen dat ik als kind maleis verstond, maar toch begreep ik op een ander niveau toen meer van die taal. Terwijl er gesproken werd, voelde ik de oude angst die de mensen opnieuw beleefden en zág ik soms ook waarover ze spraken ‒ beelden van bloed en geweld, van dood en verdriet die ik veel later pas in een historische context heb kunnen plaatsen. En zo werd augustus voor mij vanzelf een tijd waarin het grote kwaad door de wereld gaat.


Het einde van de oorlog in Azië wordt elk jaar op 15 augustus in Den Haag bij het Indiëmonument herdacht. Sinds mijn vader zijn herinneringen aan de japanse bezettingstijd vertelde en Nard en ik daar het boek Sajoer gendjer eten van maakten, zijn wij daar elk jaar bij. Alleen dit jaar dus niet, alles gaat anders vanwege corona. Na afloop van het officiële gedeelte met toespraken en kransleggingen is er altijd een defilé langs het monument. Dan kan iedereen bloemen neerleggen om zijn eigen familieleden en eigen familiegeschiedenis te herdenken.

Al jarenlang doen mensen dat vooral met heel veel zonnebloemen. Zonnebloemen zijn er in augustus natuurlijk volop en de gedachte ligt voor de hand: zonnebloemen voor het zonneland Indië. Maar los daarvan is de zonnebloem ook een prachtig en krachtig symbool: die grote, zware plant is in staat al haar materie een stuk boven de zwaartekracht te verheffen en draait haar ronde, op de zon lijkende bloem voortdurend naar de zon. Ze staat voor de zonnekracht waarmee ook wij ons leed en verdriet te boven kunnen komen en voor het vertrouwen waarmee we ons altijd kunnen wenden tot de grote zon van liefde, de trooster die naar de aarde kwam om mens te worden met de mensen en hun verdriet wil helpen dragen.


In het noordoosten van Frankrijk en het zuidwesten van Duitsland zie je in deze maand velden vol zonnebloemen. Laat dát augustus zijn: een zee van deinende zonnebloemen, een zonnebloemenzee.


Bron: Tineke Croese. Utz Verzendantiquariaat


92 keer bekeken
00 LG Heart of Art FC.jpg

©2019 by Tribute

Tel. 0541 299 860

Mob. 0653 222 944

info@tribute.nu